De taal van de stenen

Dit is het eerste deel van de trilogie ‘De zonen van de tovenaar’. Bij dit boek moest ik in het begin erg wennen aan de schrijfstijl (op een bepaalde manier typisch) van de auteur en daarnaast was ze zodanig uitgeschoten met het gebruik van het ! dat het zijn kracht heeft verloren. Echter wie verder leest, zal zeker worden beloond. Er komt wel degelijk diepgang in het verhaal, zeker als je het tweede deel leest. De twee tienerzonen van Alquines maken op diverse fronten een persoonlijke ontwikkeling door. Ik ben nu in het laatste deel bezig en ik kan het maar moeilijk aan de kant leggen.

Op een dag komen Maarten en Wannes terug uit school en dan blijkt het ouderlijke krot op geheimzinnige wijze is verdwenen, evenals hun autoritaire vader die een grote tovenaar is. Uiteindelijk komen ze bij een andere tovenares uit. Zij beweert een vriendin van haar vader te zijn maar klopt dat wel? En waar is hun vader toch gebleven?

Bij de tovenares is er ook een heksenmeisje met de vreemde naam Pica aanwezig en zij doet wel heel vreemde uitspraken over anderen. Hoeveel is er hiervan waar? Aangezien de tovenares heel vreemd doet. Vooral Maarten, de oudste van de 2, heeft hier zijn bedenkingen bij. Uiteindelijk gaan de drie tieners op zoek naar hun vader. Onderweg ontmoeten ze allerlei vreemde wezens, die steeds wat van de tovenaarszonen willen. Ook krijgen ze hulp vanuit een onverwachte hoek, maar is dat genoeg om hun vader te vinden? Hun bijzondere gaven is een grote ontdekkingstocht.

Uit de trilogie ‘De zonen van de tovenaar’ zijn verschenen:

  • De taal van de stenen
  • IJzerhart
  • Sterrenstof